Fase 2

Met deze onderzoeksvragen werd fase 2 ‘het belevingsonderzoek’ aangevat. In deze fase werd er met 716 kinderen, tieners en jongeren gesproken, zij zijn immers expert van hun eigen leefwereld. Rond de drie thema’s werd een diepgaande, kwalitatieve analyse uitgevoerd. Hiervoor werd gebruik gemaakt van verschillende methodieken om te peilen naar hun beleving. 


Mentaal welbevinden

“Ik kan altijd bij mijn familie terecht, zij luisteren en steunen mij altijd, maar er zijn sommige dingen die ik liever niet tegen mijn familie zeg dus dan kan ik bij vrienden terecht.” (Olvi middenschool, 13 jaar)

“Beste tijd van je leven, veel kansen, de wereld ligt open, ook wel spannend!” (Dag van de jeugdbeweging)

“Er is veel druk op school. We willen goede punten halen voor ouders en leerkrachten. Maar ook groepsdruk, bijvoorbeeld seks, drugs, roken, alcohol,…” (Dag van de jeugdbeweging)

Publieke ruimte

“Ik kan hier iedere dag met mijn vrienden spelen. Het is altijd fijn om samen te zijn. Hier helpen we elkaar. We vinden het heel leuk om hier nieuwe spelletjes te spelen.” (Gouden Jubileumplein, 10 jaar)

“Een plaats met zitbanken, overdekt, dat missen we nog. En een kraantje met drinkwater.” (Beringen-centrum, 15 en 16 jaar)

“Soms zijn er ’s avonds ‘oudere jongens’ op pleintjes die kijken en dingen roepen. Aangekeken voelen, dat voelt intimiderend.” (Middenschool Olvi, 13 jaar)

Participatie en communicatie

“Als ik ergens  iets hoor, ga ik soms zelf eens zoeken naar meer info.” (YOUCA-dag)

“Waarom krijgen we geen actualiteit op school? Heel lokaal? We leren omgaan met geld en zo, maar waarom leren we niet omgaan met lokale politiek?” (YOUCA-dag)