Nieuwsbrief 23 januari 2009 Opmerkingen ENA Zoekzone Tervant t.a.v. nota publieke consultatie
Tot 19 januari 2009 lag de nota publieke consultatie voor opmaak van een plan MER ter inzage en kunnen opmerkingen, aanvullingen en aandachtspunten ten aanzien van het MER-onderzoek worden geformuleerd. Hieronder volgt een overzicht van bemerkingen van het stadsbestuur. De bemerkingen zijn mede gebaseerd op basis van reacties geformuleerd door bewoners tijdens de informatievergadering van 7 januari 2009 in zaal De Kring in Tervant: Algemene aandachtspunten voor het onderzoek: - In de opmaak van het plan-MER dient de impact van het plan op de discipline MENS als volledig evenwaardig te worden behandeld en in de beoordeling evenwaardig worden gewaardeerd als de andere disciplines zoals fauna/flora ... - Duidelijkheid dient gebracht ten aanzien van de afbakening van de onderzoekszone. Initieel is binnen de ENA-studie een zoekzone van ca. 53 ha werd vooropgesteld. De huidig afgebakende zoekzone heeft een oppervlakte van ca. 98 ha. - Het onderzoek moet bijzondere aandacht besteden aan de netwerkeffecten en de gevolgen van de inplanting van een regionaal bedrijventerrein op de kwaliteit van de woonfunctie in Tervant, en dit zowel in de woonkern als in de woonlinten. Het voorgenomen regionaal bedrijventerrein zal Tervant volledig isoleren van zijn omgeving, zowel ruimtelijk als naar verkeersontsluiting, sociaal en maatschappelijk. Eveneens dient bij eventuele realisatie van een regionaal bedrijventerrein op de aangegeven locatie een toekomstvisie uitgewerkt voor Tervant als woon- en dorpskern. Bijzondere aandacht voor het onderzoek van cumulatieve effecten - Er dient bijzondere aandacht te gaan naar het feit dat de buurt vandaag reeds zeer zwaar wordt belast met de negatieve effecten van de reeds gevestigde industrie; in bijzonder wordt gewezen naar de negatieve effecten van de huidige industrie op vlak van geluid, trilling en licht ('s nachts) alsook de visuele verstoring en gegenereerd verkeer. - Dit geldt eveneens voor de potentiële risico-effecten van deze Seveso-bedrijven welke eveneens door de buurtbewoners sociaal psychisch dienen gedragen. Dit aspect dient onderzocht en in rekening gebracht. - De verkeersontsluiting met zwaar vervoer gebeurt vandaag voor een aantal bedrijven (SITA) door de woonbuurt van Tervant, met negatieve gevolgen op vlak van geluid, lucht, trilling en verkeersveiligheid. Een uitbreiding van het regionaal bedrijventerrein kan deze impact alleen maar versterken. Onderzoek van effecten naar verkeer, verkeersontsluiting en verkeersleefbaarheid van de omgeving - Het geformuleerd uitgangspunt om de verkeersontsluiting volledig te richten naar de op- en afrit 25A is in de praktijk niet haalbaar. Het huidige industrieverkeer wordt reeds op deze wijze geleid via verkeersborden. We stellen echter vast dat het verkeer (o.a. via GPS-systemen) de kortste weg blijft nemen. Ook zal het gegenereerd verkeer met bestemming en richting Noord-Limburg voor de Beverlosesteenweg kiezen en niet voor de E313. Een grondig onderzoek naar verkeersstromen dient uitgevoerd alsook naar de haalbaarheid van het geformuleerd uitgangspunt. - In het onderzoek dienen verkeerstellingen te worden uitgevoerd waarin ook de wegen in de directe omgeving van de zoekzone worden opgenomen en welke gebruikt zullen worden als verkeersroutes naar en van het regionaal bedrijventerrein. - Deze potentiële toegangswegen zijn in belangrijke mate ook woonstraten. Samen met het onderzoek van bijkomende verkeersstromen dienen dan ook de effecten naar verkeersleefbaarheid in deze straten in kaart gebracht. - In het verkeersonderzoek dient ook rekening gehouden met nieuwe en geplande ontwikkelingen in de ruimere omgeving welke een impact zullen hebben op de verkeersstromen. We vernoemen: de ontwikkeling van het regionaal bedrijventerrein Ravenshout Noord, de ontwikkelingen op de mijnterreinen (MOBER PPS Mijnsite), de toename van de verkeersstromen op de Paalsesteenweg en de Koolmijnlaan met tot gevolg sluipverkeer en de tot op heden niet-realisatie van de N73. Onderzoek naar de functie, het gebruik en de betekenis van de huidige zoekzone in relatie tot de woonomgeving en woonkwaliteit in Tervant - Aandachtspunt voor het onderzoek dient te zijn in welke mate de zoekzone wordt gebruikt door zachte weggebruikers zoals wandelaars en fietsers. Op vlak van fietsverkeer dienen tellingen uitgevoerd naar schoolfietsverkeer en toeristisch fietsverkeer. Aandachtspunt is ook dat de open ruimte intens wordt gebruikt als wandelgebied en zacht recreatiegebied ten behoeve van de bewoners van Tervant. - Het onderzoek dient het afwegingscriterium, dat mede aan de basis heeft gelegen van de selectie van de zoekzone Tervant, met name ‘een open ruimte met beperkte landschappelijke waarde' grondig te onderzoeken. Het stadsbestuur is van oordeel dat dit landschap mede omwille van de diversiteit en waardevolle kleine landschapselementen, een bijzondere waarde heeft en in bijzonder ook een meerwaarde heeft voor de leefbaarheid van Tervant. - Omwille van de reeds aanwezige zware industrie op zeer korte afstand van de woonkern (Borealis, SITA ...) en omwille van nieuwe geplande industriële ontwikkelingen aan de overzijde van kanaal (kolenhaven), is er tussen de huidige woonbuurt en de industrie slechts een minimale buffer. Vandaag vormt de zoekzone Tervant de enige en absoluut noodzakelijke kwalitatieve leefbaarheidsbuffer voor de bewoners. Dit is een belangrijk aandachtspunt voor het onderzoek; met name de rol en interactie tussen de woonbuurt en de omgeving. Indien binnen de zoekzone een regionaal bedrijventerrein zou worden uitgebouwd (van ca. 50 ha) kan er van een kwalitatieve leefbaarheidsbuffering geen sprake meer zijn. In de ENA-studie werd de realisatie van een ‘kwalitatieve leefbaarheidsbuffer t.o.v. de woonkern en de woonlinten' als een ruimtelijk uitgangspunt geformuleerd. Onderzoek naar de correctheid van gehanteerde afwegingscriteria en uitgangspunten - De zoekzone grenst niet aan het Albertkanaal. Het afwegingscriterium van ‘trimodaliteit' is dan ook niet correct. Bedrijfsvestigingen kunnen geen direct gebruik maken van de waterweg. De ontwikkeling van de zone heeft dan ook geen directe meerwaarde voor de ontwikkeling en gebruik van het Albertkanaal als transportmodus. Het bestaande spoortracé kan in principe doorgetrokken worden. Ervaring leert het heel beperkt gebruik van het spoor door individuele bedrijven (zelfs zeer grote bedrijven als Borealis) en het feit dat investeringen in spoor slechts haalbaar zijn mits goederentransport in zeer grote hoeveelheden, bv. binnen grote logistieke complexen. Deze elementen geven aan dat de ontwikkeling van een nieuw regionaal bedrijventerrein volledig op wegverkeer zal georiënteerd zijn. We verwijzen naar eerdere opmerkingen op dit vlak en de noodzaak tot grondig onderzoek naar verkeersstromen (verkeerstellingen), zowel binnen de zoekzone als in de ruimere omgeving en op potentiële toegangswegen. De haalbaarheid en correctheid van het afwegingscriterium ‘trimodaliteit' dient dan ook onderzocht en naar concrete toepasbaarheid geëvalueerd. - Onderzoek dient uitgevoerd of de ontwikkeling van een regionaal bedrijventerrein op deze locatie verenigbaar is met het uitgangspunt om te komen tot een kwalitatieve leefbaarheidsbuffer t.o.v. de woonkern en de woonlinten. - Onderzoek dient uitgevoerd of het geformuleerd uitgangspunt om de ontsluiting van het gebied volledig te oriënteren naar de op- en afrit 25 A concreet haalbaar en realistisch is. - Onderzoek naar de correctheid van het afwegingscriteria als zou de zone een beperkte landschappelijke waarde kennen. Onderzoek naar de concrete en haalbare inpasbaarheid van een regionaal bedrijventerrein binnen de zoekzone - De zoekzone kenmerkt zich landschappelijk o.a. door de aanwezigheid van natuurlijke lijnvormige elementen en kleinschalige landschapselementen. Als milderende maatregel zouden deze elementen in het plangebied kunnen behouden worden. De praktijk wijst echter uit dat dit uitgangspunt weinig realistisch en duurzaam is tenzij ruime zones rond deze elementen worden vrijgehouden waardoor het regionaal bedrijventerrein een totaal versnipperd karakter krijgt. Dit moet een aandachtspunt zijn in het onderzoek. - Als ruimtelijk uitgangspunt wordt geformuleerd een kwalitatieve leefbaarheidsbuffering ten aanzien van de woonlinten en woonkern. Gezien aanwezigheid van meerdere woonlinten is de vraag in welke mate dit realistisch kan toegepast worden zonder te komen tot een totaal versnipperd industrieterrein en zonder te komen tot een vermenging van zwaar verkeer en lokaal verkeer in deze woonzones. Dit dient onderzocht. Onderzoek naar ruimtelijke en stedenbouwkundige aspecten en gevolgen - Onderdeel van de zoekzone vormt de huidige bufferzone langs het bedrijf Borealis. De effecten dienen onderzocht van het verdwijnen van deze goed functionerende bufferzone, het groenverlies en het verlies van een toeristische netwerkfunctie (fietspad). - Binnen de zoekzone liggen 33 zonevreemde woningen waarvan 18 niet gelegen in een verkaveling en de andere woningen gelegen in een goedgekeurde verkaveling. Binnen de goedgekeurde verkavelingen zijn er nog 2 onbebouwde percelen. Daarnaast staan er twee gebouwen met een recreatieve functie en één bedrijfsgebouw. Gezien de bestemming op het gewestplan, betreft dit allen zonevreemde woningen. Artikel 145bis § 1 kent aan zonevreemde woningen bepaalde rechten en mogelijkheden toe tot verbouwen, herbouwen en uitbreiden. Deze regeling blijft gelden zolang de bestemming van het gebied geregeld wordt in gewestplannen of algemene plannen van aanleg. Ze vervalt waar een ruimtelijk uitvoeringsplan van kracht wordt. Het uit te werken ruimtelijk uitvoeringsplan moet dan ook voor de zonevreemde gebouwen klare en duidelijke voorschriften opnemen. Er wordt uitdrukkelijk gevraagd om, in het kader van de opmaak van het RUP, hierover klare en duidelijke voorschriften op te nemen en dit binnen welk ontwikkelingsscenario dan ook. Dit moet de eigenaars en bewoners van gebouwen uit de huidige situatie van onzekerheid brengen. - Bij de afbakening van de grens van het regionaal bedrijventerrein dient rekening gehouden met de ligging van percelen en inplanting van gebouwen en achtertuinen ten einde de leefbaarheid en de waarde van de woningen gelegen aan de grens van het plangebied te garanderen. Specifiek onderzoek en terreininventarisatie dient hiertoe uitgevoerd. Onderzoek naar de haalbaarheid tot uitvoering van het plan - Het onderzoek dient de financiële, juridische, sociale en economische gevolgen in kaart te brengen van het noodzakelijk verdwijnen van de te onteigenen woningen. Onderdeel van de zoekzone vormt de huidige bufferzone langs het bedrijf Borealis. De effecten dienen onderzocht van het verdwijnen van deze goed functionerende bufferzone, het groenverlies en het verlies van een toeristische netwerkfunctie (fietspad). Onderzoek naar de haalbaarheid tot uitvoering van het plan - Het onderzoek dient de financiële, juridische, sociale en economische gevolgen in kaart te brengen van het noodzakelijk verdwijnen van de te onteigenen woningen gelegen in het bedrijventerrein en dit eveneens in relatie tot de financiële haalbaarheid van het project. Onderzoek van alternatieven - Binnen het onderzoek dient als volwaardig alternatief de ontwikkeling van een lokaal bedrijventerrein langs de Industrieweg te worden onderzocht op voldoende afstand van de bestaande woonlinten en woonkern van Tervant en op een passende wijze landschappelijk ingebed liefst binnen bestaande natuurlijke landschappelijke structuren. Op basis van dit onderzoek dient een voorstel geformuleerd naar afbakening, grootte en vormgeving van het lokaal bedrijventerrein, eventueel gefaseerd te ontwikkelen. Het schepencollege heeft op 22 januari 2009 de bezwaarschriften van de Werkgroep Buurtbewoners Tervant ontvangen. Hoe nu verder? De Vlaams dienst MER zal met de bevoegde instanties de bezwaarschriften onderzoeken en op basis hiervan de studieopdracht voor het onderzoeksbureau Arcadis concreet omschrijven. Vervolgens start het onderzoek voor het opstellen van de plan-MER. Dit onderzoek zal bestaan uit concreet terreinonderzoek (diverse metingen, terreininventarisatie, verkeerstellingen ...), het uitvoeren van simulaties via computermodellen en onderzoek en samenbrengen van gegevens uit andere relevante studies en rapporten. Als deze gegevens worden getoetst aan wettelijke beoordelingskaders, effecten worden in kaart gebracht, alternatieven en mogelijke milderende maatregelen worden uitgewerkt. Concrete resultaten van het onderzoek kunnen over een jaar worden verwacht. Stadsbestuur en stadsdiensten zullen het verloop van het onderzoek nauw opvolgen. Nieuw subsidiereglement voor het plaatsen van hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen en het afkoppelen van hemelwater bij woningen en lokalen van verenigingen Het oude subsidiereglement voor hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen en de afkoppeling van hemelwater, dat dateert van 1999, diende afgestemd te worden op de nieuwe milieuwetgeving en de nieuwe voorwaarden van de samenwerkingsovereenkomst 2008 - 2013 tussen het Vlaamse Gewest en de gemeente. Bij Besluit van 9 mei 2008 van de Vlaamse Regering wordt immers een verplichte scheiding opgelegd van afvalwater en hemelwater bij de aanleg en heraanleg van riolering. De Vlaamse Milieumaatschappij vraagt voortaan ook een engagementsverklaring van de gemeente met plan van aanpak en bijhorende timing voor de realisatie van de afkoppelingen op particulier domein. Tevens zal de uitbetaling van de gemeentelijke rioleringssubsidie pas gebeuren indien effectief aangetoond wordt dat de optimale afkoppeling gerealiseerd is. Daarom besliste het schepencollege om enerzijds bij toekomstige rioleringsprojecten een afkoppelingsadviseur aan te stellen om de afkoppeling te begeleiden, uit te voeren en te controleren en anderzijds een maximum subsidiebedrag van 400 euro te voorzien voor het afkoppelen van hemelwater bij particuliere woningen of bij lokalen van verenigingen. Woningen die niet gelegen zijn in een toekomstig rioleringsproject en die, naar aanleiding van een verbouwing, deze hemelwaterafkoppeling willen uitvoeren, kunnen ook een beroep doen op deze afkoppelingsadviseur en uiteraard ook op de premie van 400 euro. De nieuwe samenwerkingsovereenkomst verplicht bovendien de gemeenten om een minimaal subsidiebedrag uit te keren voor bestaande woningen van 500 euro voor hemelwaterputten en infiltratievoorzieningen. Bij het opstellen van het nieuwe subsidiereglement is rekening gehouden met deze nieuwe voorwaarden en is de gemeente van het principe uitgegaan dat vanaf 1 januari 2009 enkel nog subsidies zullen uitgekeerd worden voor woningen (en lokalen) die tot op heden niet verplicht zijn om hemelwater af te koppelen, te bufferen/infiltreren en/of te hergebruiken. Voor het installeren van een hemelwaterput en/of een infiltratievoorziening kan een gemeentelijke subsidie bekomen worden van 500 euro/installatie. Om de overgang van het oude naar het nieuwe subsidiereglement vlot te laten verlopen werden een aantal overgangsmaatregelen goedgekeurd door het schepencollege die ter goedkeuring zullen voorgelegd worden op de gemeenteraadszitting van 9 februari 2009. 1. Inwoners die nog een aanvraag hebben ingediend vóór 1 januari 2009 dienen hun installatie te voltooien uiterlijk op 30 juni 2009. Dit houdt in: - dat de installatie moet geplaatst zijn, - dat hiervoor geldige facturen moeten worden voorgelegd en - dat de installatie moet gecontroleerd worden door de milieudienst om na te gaan of aan alle subsidievoorwaarden is voldaan. Aanpassingen na 30 juni 2009 zijn dus niet meer mogelijk. 2. Inwoners die hun installatie geplaatst en voltooid hebben in 2008 moeten hun subsidieaanvraag zo spoedig mogelijk indienen en laten controleren door de milieudienst, zodat eventuele aanpassingen nog mogelijk zijn vóór 30 juni 2009. Alle andere subsidieaanvragen, die niet voldoen aan deze overgangsbepalingen, vallen onder de voorwaarden van het nieuwe subsidiereglement. Nieuw subsidiereglement hernieuwbare energie Het huidige subsidiereglement voor het gebruik van hernieuwbare energiebronnen, dat dateert van 2001, diende aangepast te worden. Door de vraag om vereenvoudiging, vanwege de bevolking en door de vele nieuwe subsidiemogelijkheden, die recent worden aangeboden door diverse overheidsinstanties, drong een wijziging zich op. Op 13 oktober 2008 besliste de gemeenteraad om aan te sluiten bij de voorwaarden en premies voor huishoudens van de intercommunale Infrax, zodat vanaf 1 januari 2009 de stad Beringen volgende installaties bij bestaande woningen en appartementen subsidieert: ? condensatieketel op aardgas, ? dakisolatie, ? muurisolatie, ? vloerisolatie, ? kelderisolatie, ? vervanging van enkel glas door HR-glas, ? radiatorfolie, ? thermostatische radiatorkranen, ? ventilatie met warmterecuperatie, ? warmtepomp, ? zonneboiler, ? of het halen van de passiefhuisstandaard. Bij nieuwe woningen en appartementen wordt een subsidie toegekend als er een E-peil van ten hoogste E80 wordt gehaald. Het toegekende bedrag verschilt naargelang het behaalde E-peil. Vanaf januari 2006 moeten nieuwe woningen een bepaald niveau van thermische isolatie en energieprestatie (isolatie, verwarmingsinstallatie, ventilatie, zonne-energie, ...) behalen. Dit wordt uitgedrukt in een E-peil. Momenteel dient dit kleiner of gelijk te zijn aan E100. De woningen die in 2008 in Limburg werden gebouwd haalden een gemiddeld E-peil van 84. Men verwacht dat de Vlaamse regering de voorwaarden voor energieprestaties binnenkort zal verstrengen. Het plaatsen van een aardgaswasdroger komt zowel bij nieuwbouw als bestaande woningen in aanmerking. Het subsidiebedrag van Beringen bedraagt 10 % van de subsidie van de intercommunale Infrax. Het plaatsen van photovoltaïsche panelen wordt voortaan dus niet meer gesubsidieerd door de stad Beringen. Om de overgang van het oude naar het nieuwe subsidiereglement vlot te laten verlopen werden een aantal overgangsmaatregelen goedgekeurd door het schepencollege die ter goedkeuring zullen voorgelegd worden op de gemeenteraadszitting van 9 februari 2009. 1. Inwoners die nog een aanvraag hebben ingediend vóór 1 januari 2009 dienen hun installatie te voltooien uiterlijk op 30 juni 2009. Dit houdt in : - dat de installatie moet geplaatst zijn, - dat hiervoor geldige facturen moeten worden voorgelegd en - dat de installatie moet gecontroleerd worden door de milieudienst om na te gaan of aan alle subsidievoorwaarden is voldaan. Aanpassingen na 30 juni 2009 zijn dus niet meer mogelijk 2. Inwoners die hun installatie geplaatst en voltooid hebben in 2008 moeten hun subsidieaanvraag zo spoedig mogelijk indienen en laten controleren door de milieudienst, zodat eventuele tekortkomingen weggewerkt kunnen worden vóór 30 juni 2009. Alle andere subsidieaanvragen, die niet voldoen aan deze overgangsbepalingen, vallen onder de voorwaarden van het nieuwe subsidiereglement. Oplossingen parkeerproblemen in Klaverweide, Leysestraat en Korspelsesteenweg De verkeerscommissie had in het verleden meerdere klachten ontvangen over de doorgang op verschillende straten in Klaverweide omdat men er heel kort bij elkaar parkeert. Bovendien moest er een oplossing gezocht worden voor de Leysestraat en Korspelsesteenweg waar beurtelingsparkeren is toegelaten. Immers, door een wijzing in de verkeerswetgeving wordt beurtelingsparkeren afgeschaft. In de Klaverweide, Leysestraat en Korspelsesteenweg zullen alternerende parkeervlakken aangebracht worden. Hierdoor wordt de snelheid afgeremd en blijft er toch voldoende ruimte over voor de doorgang. De parkeervakken zullen zo geplaatst worden dat er een maximale benutting van de parkeergelegenheid is. Aangezien het hier om bestendige verkeersmaatregelen gaat, dient de gemeenteraad goedkeuring te geven aan deze maatregelen. Wijziging wetgeving Participatiefonds De wetgeving omtrent het Participatiefonds werd door een programmawet van 22 december 2008 gewijzigd. Eén van de belangrijkste wijzigingen is dat de bijdrageplicht voor de gemeente werd afgeschaft. Voor de werken die aanvangen na 31 december 2008 is er geen bijdrageplicht meer. Het Participatiefonds wordt nu gespijsd door de schatkist. De informatieplicht blijft een taak van de gemeente, alsook het afleveren van het attest van hinder. Voor de zelfstandigen is de belangrijkste wijziging dat de periode van hinder minstens 7 dagen moet duren (vroeger 14 dagen) en dat vanaf de 8ste dag de zelfstandige die aan alle voorwaarden voldoet kan genieten van een vergoeding van 70 euro per dag (vroeger 44,2 euro per dag). KIA-activiteiten krokusvakantie 2009 Maandag 23 februari t/m vrijdag 27 februari: duikinitiatie Diving feels like a Star Wars movie. Jij bent gewapend met handdoek en zwemuniform en wij zorgen voor de rest. 1e en 2e middelbaar 10.30 tot 12 uur Zwembad 't Cupke 28,50 euro - 2 euro swappas en/of max. 3 KIA-speelcheques Maandag 23 februari: schaatsen en sportkriebels In de voormiddag begeven we ons op glad ijs en in de namiddag maken we onze stijve stramme spieren los met allerlei uitdagende sportactiviteiten... 1e tot en met 6e leerjaar 10 tot 15.30 uur Sporthal Paal 8,50 euro - 0,50 euro grabbelpas en/of max. 2 KIA-speelcheques Dinsdag 24 februari: boemeldag We gaan rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan... Kleuters geboortejaar 2003-2004-2005 10-12 uur 1e tot 3e leerjaar 13 tot 15 uur Sporthal Paal 2 euro max. 1 KIA-speelcheque Woensdag 25 februari: cinema en sportkriebels Wat dacht je van een dagje ontspanning met enerzijds een film en anderzijds ...vooral bewegen...maar niet gewoon bewegen natuurlijk. 1e tot 6e leerjaar 10 tot 15.30 uur Sporthal Koersel 10 euro (film, 2 consumpties en snoep inbegrepen) - 1 euro grabbelpas en/of max. 3 KIA-speelcheques Vrijdag 27 februari: kinderstad In Kinderstad zijn kinderen de baas! Er zijn workshops voor echte ridders en prinsessen, toffe attracties...vervelen? ...Geen denken aan! 1e tot 6e leerjaar 12.30 tot 18.30 uur 8 euro - 0,50 euro grabbelpas en/of max. 2 KIA-speelcheques KIA-activiteiten jeugdraad: Dinsdag 24 februari: karting en lasershooting Wil jij eens een keertje gas geven...dan ben jij de geknipte persoon voor deze activiteit! vanaf 5e leerjaar 15 tot 19 uur Administratief centrum 20 euro - 2 euro grabbelpas/swappas en/of max. 3 KIA-speelcheques Woensdag 25 februari en donderdag 26 februari: wellness 2-daagse Een 2-daagse op maat gemaakt voor jou... Eén dagje werken we rond lichaamsverzorging (manicure, lichaamspeeling, massage, gezichtverzorging,...) en de volgende dag gaan we volledig relaxen in een privé-sauna, jacuzzi,...we gaan ons laten verwennen!!! Badkledij verplicht. vanaf 1e middelbaar (girls only) 13.30 tot 16.30 uur 25 euro (materiaal, sauna, jacuzzi, ... inbegrepen) - 2 euro swappas en/of max. 3 KIA-speelcheques Donderdag 26 februari: chocoladetempel en sportkriebels Voor de lekkergebekte sportievelingen ...in de voormiddag worden we ondergedompeld in de magische wereld van chocolade en in de namiddag maken we het dan wat goed met te sporten! 1e tot 6e leerjaar 8.30 tot 16 uur Sporthal Beverlo 11,50 euro - 1 euro grabbelpas en/of max. 3 KIA-speelcheques Inschrijven 1. Telefonisch: zaterdag 7 februari van 10 uur tot 12 uur en vanaf maandag 9 februari tijdens de kantooruren, tel. 011 43 02 30. 2. Online: enkel met het inschrijvingsformulier Kia via www.jeugdinberingen.be en dit vanaf maandag 9 februari 3. Op de dienst jeugd en jeugdsport in het administratief centrum vanaf maandag 9 februari Bij alle activiteiten is het aantal deelnemers beperkt. |