| mei 2012 | » |
Begin april komen de eerste zwaluwen druppelsgewijs terug uit hun tropische overwinteringgebieden (Centraal- en West-Afrika). Vanaf half april tot in mei arriveren de anderen en staat de zomer voor de deur.
Huiszwaluwen zijn wit-zwart. Je kunt ze best herkennen aan de opvallende witte stuit boven een kort gevorkte staart. De onderzijde is spierwit. Ze komen voor in open gebieden veelal nabij boerderijen, maar ook in dorpen, industrieterreinen of buitenwijken van steden. Als nestplaats verkiezen ze een relatief ruwe muur die vocht absorbeert (onbeschilderde baksteen, ruwe beton, onbewerkt hout) en een dakoversteek die bleker is dan de muur.

Kenmerkend voor de boerenzwaluw is zijn lange, diepgevorkte staart en zijn rode keel. De rug is glanzend blauwzwart en de buik roomkleurig.
De voorkeur van de boerenzwaluw gaat uit naar een landelijke omgeving met boerderijen en stallingen, waarbij de aanwezigheid van vee, vooral grote grazers als runderen en paarden, belangrijk is.

Maar het gaat niet goed met de huiszwaluw en de boerenzwaluw in Vlaanderen. De aanwezigheid van zwaluwen in de buurt van huizen en boerderijen werd vroeger als vanzelfsprekend beschouwd. Spijtig genoeg is het aantal zwaluwen de laatste 20 jaar drastisch gedaald.
Het stadsbestuur van Beringen geeft daarom een subsidie voor het behoud van de boerenzwaluw en de huiszwaluw. Deze subsidie hangt af van het aantal nesten dat zich in de kolonie bevindt en bedraagt maximum 50 euro per jaar voor meer dan 7 bewoonde zwaluwnesten. De subsidie wordt uitgekeerd aan gebruikers van gebouwen (huisgezinnen, landbouwers, scholen, bedrijven ...).
De aanvraag dien je in tussen 15 mei en 31 juli. Het subsidiereglement en het aanvraagformulier vind je terug onder digitaal loket.
| Aldeleide Vrolix - 011 43 03 00 aldeleide.vrolix@beringen.be |