Beringen, meer dan mijn stad

VorigeVolgendePrintenVerstuur linkReageer

Milieuvergunning

Milieuvergunning - Algemeen

Een vergunning is een geheel of gedeelte van een schriftelijk besluit afgeleverd als machtiging om een inrichting te exploiteren, op naam van een exploitant en voor een welbepaalde locatie en onder welbepaalde voorwaarden.

In de vergunning wordt verwezen naar de algemene en sectorale vergunningsvoorwaarden vermeld in VLAREM II, eventueel aangevuld met bijzondere voorwaarden specifiek van toepassing voor die bepaalde inrichting.

Het niet naleven van de voorwaarden kan leiden tot een schorsing of opheffing van de vergunning.

Wanneer is een milieuvergunning vereist?

Er is een milieuvergunning vereist voor fabrieken, werkplaatsen, opslagplaatsen, machines, installaties en toestellen die opgericht, gebruikt en veranderd worden en waarvan het bestaan ervan hinderlijk kan zijn voor mens en/of leefmilieu.

Ook voor het lozen van afvalwater en het verwijderen van afval is een vergunning vereist.

Om te weten welke activiteiten vergunningsplichtig zijn, kan je steeds terecht bij de milieudienst.

Hoe een milieuvergunning verkrijgen?

De wetgever heeft de inrichtingen, waarvoor een vergunning moet worden aangevraagd, opgenomen in een lijst.
Naargelang de aard en de belangrijkheid van de daaraan verbonden milieueffecten, worden de inrichtingen in 3 klassen verdeeld: klasse 1, klasse 2 en klasse 3.
De aanvraag wordt met een voorgeschreven formulier gericht aan de bevoegde overheid.
De te betalen dossierkosten variëren naargelang de klasse.

De koppeling milieu- en bouwvergunning.

De bouwvergunning wordt geschorst zolang de milieuvergunning niet is verleend of de melding niet is gebeurd. Dit is ook het geval in de omgekeerde richting: de milieuvergunning wordt geschorst zolang de bouwvergunning niet is verleend.
In geval van definitieve weigering vervalt de milieuvergunning of de bouwvergunning van rechtswege.

Wie kan bezwaar aantekenen tegen een aanvraag tot milieuvergunning?

Tijdens de duur van het openbaar onderzoek (30 dagen), waaraan een aanvraag voor een klasse 1- of 2-inrichting wordt onderworpen, kan iedereen die vreest hinder of overlast te zullen ondervinden door de exploitatie van de inrichting, schriftelijk of mondeling bezwaar indienen.

 

Indelingslijst

In bijlage 1 van VLAREM 1 werd een indelingslijst gevoegd. Deze indelingslijst omvat allerlei bedrijfsactiviteiten die in 61 verschillende rubrieken opgesomd werden.
Deze rubrieken zijn meestal nog onderverdeeld in subrubrieken, afhankelijk van het totaal geïnstalleerd vermogen, de productiecapaciteit, de opslagcapaciteit, ...
Per (sub)rubriek is er een indeling volgens klasse (klasse 3, klasse 2 en klasse 1). Deze klassenindeling gebeurt in functie van de belangrijkheid van de hinder voor mens en leefmilieu, van het gevaar en/of van het gezondheidsrisico.

 

Klasse 1-ingedeelde inrichtingen worden als de meest hinderlijke inrichtingen beschouwd, klasse 1 is de "hoogste" klasse.
Een inrichting kan onder de toepassing vallen van verschillende indelingsrubrieken en tot verschillende klassen behoren. De hoogste klasse bepaalt in welke klasse de inrichting in zijn geheel wordt ingedeeld.
Een inrichting wordt gedefinieerd als een fabriek, bedrijvigheid, activiteit, werkplaats, opslagplaats, machine, installatie, handeling die op de indelingslijst voorkomt.

 

Voor de inrichtingen van klasse 1 en klasse 2 is een milieuvergunning nodig, voor deze van klasse 3 volstaat een melding.
Opgelet: De milieuvergunning dient in orde te zijn voordat je met een zaak begint. Voor inlichtingen kan je terecht bij het gemeentebestuur en het provinciebestuur.

Tijdelijke inrichtingen

In de indelingslijst is aangegeven (met een "T") voor welke inrichtingen of activiteiten een tijdelijke vergunning kan bekomen worden.
Bij dergelijke inrichtingen wordt er verondersteld dat de impact op het leefmilieu niet van blijvende aard is.
Er wordt een onderscheid gemaakt naargelang de inrichting al dan niet verbonden is aan een bouwwerf. Indien dit het geval is, kan de duur van de vergunning maximaal één jaar bedragen.
In de andere gevallen bedraagt de vergunning maximaal drie maanden.
Een vergunning voor een tijdelijke inrichting kan éénmaal verlengd worden, waarbij de termijn van de verlenging maximaal de oorspronkelijke vergunningstermijn kan bedragen.
Belangrijk is wel dat een vergunning voor een tijdelijke inrichting steeds door het college van burgemeester en schepenen afgeleverd wordt en dat er een verkorte procedure van toepassing is. Er is ook geen openbaar onderzoek vereist.

Formulieren

De nodige formulieren om een milieuverguning aan te vragen vind je onder digitaal loket.

Bekendmaking milieuvergunningsaanvragen en milieuvergunningsbeslissingen

Recente milieuvergunningsaanvragen en milieuvergunningsbeslissingen vind je onder digitaal loket.

Klasse 1

De als hinderlijk ingedeelde inrichtingen die tot klasse 1 behoren mogen slechts geëxploiteerd of veranderd worden na voorafgaande, schriftelijke milieuvergunning van de bevoegde overheid.
Aanvragen voor klasse 1-inrichtingen die uitgaan van particulieren en private bedrijven moeten worden ingediend bij de bestendige deputatie van de provincie waar de inrichting is gelegen.
Dit is ook het geval voor alle klasse 1- of 2-vergunningsaanvragen die uitgaan van inrichtingen van openbare besturen of een door hen opgerichte instelling.

 

Een klasse 1 milieuvergunningsaanvraag dient in tienvoud aangetekend of tegen ontvangstbewijs te worden verstuurd op de voorgeschreven formulieren.
Afhankelijk van de soort inrichting dienen de gegevens nog te worden aangevuld met bijkomende informatie en documenten.

Klasse 2

De als hinderlijk ingedeelde inrichtingen die tot klasse 2 behoren mogen slechts geëxploiteerd of veranderd worden na voorafgaande, schriftelijke milieuvergunning van de bevoegde overheid.
Een aanvraag die betrekking heeft op de nieuwe of bestaande uitbating van een klasse 2-inrichting moet worden ingediend bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente waar de exploitatie of de verandering gebeurt of gepland is.
Ook aanvragen voor de vergunning of vergunningsverlening van tijdelijke inrichtingen van klasse 1 of 2 worden bij de gemeente ingediend.
Aanvragen moeten bij de gemeente worden ingediend in zevenvoud. De aanvraag gebeurt bij aangetekende zending of door afgifte aan het milieuloket waarbij een ontvangstbewijs afgeleverd wordt.
Afhankelijk van de soort inrichting dienen de gegevens aangevuld te worden met bijkomende documenten en/of informatie.
De nodige informatie voor het in orde maken van een aanvraagdossier kan bij het milieuloket verkregen worden, liefst na afspraak.

Klasse 3

Alle als hinderlijk ingedeelde inrichtingen die tot klasse 3 behoren, mogen pas geëxploiteerd of veranderd worden nadat de exploitant daarvan melding heeft gedaan aan de bevoegde overheid.
Uit de indelingslijst blijkt dat heel wat installaties meldingsplichtig zijn.
Let er op dat een klasse 3-inrichting die deel uitmaakt van een klasse 2-inrichting of 1-inrichting automatisch tot deze laatste gaat behoren, en dus in principe mee vergund wordt, samen met de andere inrichtingen.
Voegt men evenwel later een klasse 3-inrichting toe aan een reeds vergunde klasse 1- of klasse 2-inrichting, dan geldt ook hier het principe dat een loutere melding bij de bevoegde overheid volstaat.
De melding wordt gedaan bij het gemeentebestuur van de gemeente waarin de percelen liggen waarop de inrichting zich bevindt, door middel van een meldingsformulier dat bij ter post aangetekende zending of bij afgifte tegen ontvangstbewijs wordt bezorgd.
Klasse 3-inrichtingen die met klasse 1- of 2-inrichtingen een milieutechnische eenheid vormen, en die niet worden vergund door een normale vergunningsaanvraag of via de procedure "mededeling van kleine veranderingen", worden gemeld aan de overheid die bevoegd is om de basisvergunningen te verlenen (voor klasse 1 is dit de bestendige deputatie, voor klasse 2 het college van burgemeester en schepenen).
Van de melding wordt akte genomen door het college van burgemeester en schepenen. De uitbating of wijziging mag aanvatten of gebeuren op de dag na de meldingsdatum mits voldaan is aan het algemene inplantingsvoorschrift volgens Vlarem 2.

Contact

Milieu

Mijnschoolstraat 88
3580 Beringen

T 011 43 02 42
F 011 43 46 58

milieu@beringen.be

Contactpersonen

Roland Claes - 011 43 02 42
roland.claes@beringen.be